Het Europees Parlement heeft dinsdag twee strengere asielwetten goedgekeurd die EU-lidstaten in staat stellen om asielaanvragen sneller en eenvoudiger af te wijzen. De maatregelen kregen steun van centrum-rechtse en radicaal-rechtse partijen, terwijl sociaaldemocraten en linkse fracties tegenstemden.
De nieuwe regels maken het mogelijk om aanvragen te weigeren als asielzoekers door een niet-EU-land zijn gereisd waar ze bescherming hadden kunnen zoeken. EU-lidstaten kunnen aanvragen ook afwijzen als asielzoekers een connectie hebben met een niet-EU-land, bijvoorbeeld door familie of eerdere bezoeken.
Het parlement keurde bovendien een lijst goed met zeven zogenaamde veilige landen van herkomst: Bangladesh, Colombia, Egypte, Kosovo, India, Marokko en Tunesië. Lidstaten kunnen aanvragen van mensen uit deze landen versneld behandelen.
Politieke reacties
De EVP, de grootste centrumrechtse fractie in het Europees Parlement, verdedigde de wetten als onderdeel van een "stevig en eerlijk migratiebeleid". Een EVP-parlementariër stelde voor de stemming dat de maatregelen een snelle afhandeling van ongegronde asielaanvragen mogelijk maken.
De radicaal-rechtse fractie Patriotten voor Europa verwacht volgens ANP dat de aangescherpte regels ervoor zorgen dat "asielrecht niet langer wordt misbruikt".
Sociaaldemocraten spraken daarentegen volgens ANP van een "morele achteruitgang" en beschuldigden de meerderheid ervan het asielrecht te vernietigen.
EU-lidstaten moeten de goedgekeurde wetten nog bekrachtigen voordat ze in werking kunnen treden.
Let op: Dit artikel is gemaakt met Kunstmatige Intelligentie (AI).








